ThermenCOMPLEET

In het badhuis

In veel Romeinse steden en nederzettingen staat een badhuis of thermen. Hier kun je naartoe om te baden, maar ook om te ontspannen en mensen te ontmoeten. Een Romeins badhuis is heel anders dan het zwembad waar jij naartoe gaat. Het lijkt eigenlijk meer op een sauna of een spa.

kleedruimteKleedruimte. Hier berg je je kleren op in houten kastjes. Je moet goed oppassen dat ze niet gepikt worden! Ondertussen ga je zonder badkleding het badhuis in. Misschien draag je nog een handdoekje of klein broekje.

Stromend water. Vanuit een stroom in hoge heuvels of bergen wordt een leiding aangelegd naar de stad. Vaak gebeurd dit via een aquaduct. Zo stroomt het water door de leidingen van het badhuis. Een afvoer zorgt ervoor dat de baden niet overstromen: wat via de afvoer wegloopt komt in een volgend bad of gaat via het riool naar buiten. Een deel van het water gaat eerst naar ketels in de stookruimte, zodat het opgewarmd wordt voor het hete bad.

d

Vloerverwarming. Via buizen komt de hete lucht uit de stookruimte onder een holle vloer en in holle muren terecht. Een hypocaustum heet dat. Zo heb je in de Romeinse tijd dus al centrale verwarming! Hoe dichter bij de stookruimte, hoe warmer de kamer. Een kamer met een koud bad heeft geen vloerverwarming, zodat hij lekker koel blijft.

Heet bad. Het bezoek begint vaak met even flink opwarmen in het hete bad. Het water van dat bad is eerst verwarmd in de stookruimte achterin. Soms stroomt het water van het hete bad door naar een lauwer bad. Als het daarna wordt afgevoerd naar het buitenbad heb je dus een verwarmd buitenbad, wat op een koude dag heel lekker kan zijn!

d

Sauna. De sauna wordt ook door een stookoven verwarmd. Soms is dit een aparte stookoven, die direct onder de vloer van de sauna zit. Dat maakt de vloer erg heet. Door een koperen schaal op de hete vloer te zetten, kun je gemakkelijk stoom maken door water op de schaal te gieten, dat meteen verdampt. Door de stoom druipt er allemaal water langs de muren.

Koud bad. Met dit dompelbad kun je afkoelen als je uit de sauna komt. Door dat om de zoveel minuten te doen, voorkom je dat je het te heet krijgt. Lijkt het je niks, vanuit een hete sauna het koude water in? Eigenlijk valt het wel mee hoe erg dat voelt, hoor.

d

Slippers. Slippers met houten zolen voorkomen dat je in de sauna je voeten brandt. Ook loopt het wat lekkerder op de vloer. De vloer van het badhuis bestaat vaak uit tegels in visgraatpatroon, of uit een prachtig mozaïek. Door de tegels handig te leggen voorkom je dat het gemorste water in hele grote plassen blijft liggen. Slim bedacht, hè?

x

Sportveld en buitenbad. Op de binnenplaats van het badhuis kun je sporten doen als worstelen. Natuurlijk kun je er ook gewoon van de zon genieten, of lekker baantjes trekken in het buitenbad. Als het water uit het warme bad doorstroomt naar het buitenbad, kun je er op koudere dagen ook lekker in.

d

Massage. In sommige badhuizen is het mogelijk om gemasseerd te worden. Soms kost dat best veel geld en is het dus vooral voor rijkere mensen. Met olie en zand word je eerst schoongewreven, waarna de masseur het modderige geheel met een schraapmesje dat strigilus heet van je huid afschraapt. Je wordt dan meteen beetje gladgeschoren op je lichaam, wat verzorgd en dus beschaafd staat. Tot slot mept de masseur je huid roodgloeiend mept zijn handen en met takjes. Daarna ga je dus weer even lekkere in het koude dompelbad.

Gezichtjes1WIST JE DIT AL?

– Het badhuis op deze tekening is op dat van Heerlen in Limburg gebaseerd. Bekijk het badhuis op de pagina over Nederland in de Romeinse tijd eens. Daar zie je hetzelfde badhuis! Alleen zie je het op dat plaatje van de voorkant en hier van de achterkant. (En natuurlijk zonder dak en muren.)

– Het badhuis in Heerlen kun je nog bekijken in het Thermenmuseum. Er zijn alleen ruïnes van over, maar er zijn weinig plekken in Nederland waar je zo duidelijk Romeinse ruïnes kunt zien!

– Elke grote stad in het Romeinse rijk had minstens één badhuis. Natuurlijk had een grotere stad ook een groter badhuis. Rome had meerdere badhuizen, waarvan sommige hele grote, zoals de beroemde thermen van Caracalla.

– Een badhuis kon ook in een kleinere nederzetting staan: Coriovallum (Heerlen) bevatte een groot badhuis, maar was geen echte stad.

– Misschien stond er bij de meeste Romeinse forten ook wel een badhuis voor de soldaten. Dat zal wel wat minder luxe zijn geweest.

– Een badhuis werkte vaak met een dagschema: ’s morgens was het badhuis open voor zieke mensen (die niet tussen gezonde mensen mochten), begin van de middag voor dames en eind van de middag voor de heren. Mannen en vrouwen mochten namelijk ook niet tegelijk naakt in het badhuis!

– Na de Romeinse tijd verdwenen de badhuizen uit Europa. In het Midden-Oosten bleven ze wel bestaan. Zo maakten de Europeanen er vele eeuwen later weer kennis mee.

Gezichtjes3FOUT!

– Een badhuis diende niet zozeer om je te wassen. Hoewel je je er wassen kon, ging het ook om de ontspanning en het ontmoeten van mensen. Tenslotte was er nog geen internet waarover je met elkaar kletsen kon.

– Het badhuis was niet per se heel gezond voor je, maar ook niet per se heel ongezond. Het hing er vooral vanaf hoeveel mensen er kwamen. In kleine badhuizen zoals die in Nederland kwamen niet zoveel mensen, zodat het water vrij fris bleef. Maar in een grote stad als Rome waren de overvolle badhuizen eigenlijk helemaal niet zo goed voor je!

– Van de Romeinse wet mochten mannen en vrouwen niet tegelijk in de badhuizen. Maar dat betekent niet dat iedereen zich daar altijd aan hield! Meerdere Romeinse keizers wezen er opnieuw op dat het verboden was, wat betekent dat het dus nog vaak genoeg gebeurde!